Wetenschappers rapporteerden vorige maand over de vinding dat honden talen als zodanig kunnen herkennen én dat ze in staat zijn de ene taal van de andere te onderscheiden. Dat roept vragen op. Kan een Nederlandse hond die naar China verhuist de nieuwe omgeving nog wel verstaan? Een Mexicaanse onderzoekster verhuisde naar Hongarije en onderzocht het.

honden
Honden horen ‘Zit!’ anders in het Hongaars dan in het Spaans | Foto: Pixabay

Laura V. Cuaya verhuisde met haar hond Kun-kun naar de Hongaarse hoofdstad Boedapest, en begon haar onderzoek bij de biologie-afdeling van de Eötvös Loránd Universiteit. De hond had tot die tijd alleen nog maar Spaans gehoord, en kende verschillende commando’s in die taal. Na de verhuizing kon zijn baasje onderzoeken of de hond zich in het Hongaars zou redden. Sterker nog, of hij sowieso zou merken dat er een andere taal om hem heen werd gebruikt.

Luisteren naar sprookjes

Om dit te achterhalen werden Kun-kun en zeventien van zijn soortgenoten in een hersenscanner gelegd, waar ze stil moesten liggen luisteren naar opnamen van het boek Le Petit Prince van Antoine de St. Exupéry. De tekst werd in het Spaans en het Hongaars gepresenteerd, afgewisseld met teksten die geen enkele taal representeerden. Door wartaal en willekeurige klanken te laten horen, probeerden de onderzoekers erachter te komen of de honden een taal überhaupt als zodanig herkenden.

Patroonanalyse hersenactiviteit

En dat bleek zo te zijn. Met behulp van patroonanalyse van de hersenactiviteit in de (eerste) auditieve hersenschors bleken de honden regelmatigheden van een echte taal anders te interpreteren dan de onzinnige structuur van wartaal. Het verschil zat hem niet in een bijzondere alertheid op taal boven onzin – honden verbinden immers geen bijzondere betekenis aan taal – maar meer in de natuurlijke klank van het geluid. Keek men verder in twee andere met geluid en taal samenhangende delen van de (tweede) hersenschors, dan waren verschillende patronen te zien voor bekende en onbekende talen. Dit effect was sterker bij oudere honden, waarmee het vermoeden wordt bevestigd dat blootstelling aan taal gedurende langere tijd de taalgevoeligheid van honden versterkt. “Waarschijnlijk pikken honden gedurende hun leven de hoorbare regelmatigheden van de taal om hen heen op”, aldus co-auteur Hernández-Pérez.

Verder onderzoek

Eerder onderzoek wees al uit dat kinderen taalverandering opmerken, ook als ze zelf nog niet kunnen spreken. Bij niet-menselijke dieren was dit fenomeen nog nooit onderzocht. Nu is gebleken dat honden talen kunnen onderscheiden, komt de vraag naar voren of het ook voor andere dieren geldt. Dat hoeft niet. Taalgevoeligheid en spraakdetectie kunnen te maken hebben met de werking van de hersenen, maar het kan in het geval van honden ook te maken met de langdurige en innige band die zij hebben met de mens. Om erachter te komen hoe de honden dit talent hebben ontwikkeld is verder onderzoek noodzakelijk.

Tot slot

Cuaya:

“Wie zich afvraagt hoe het Kun-kun na de verhuizing naar Budapest is vergaan, kan ik die geruststellen. Hij is nog net zo gelukkig en vrolijk als in Mexico – hij heeft voor het eerst sneeuw gezien en zwemt graag in de Donau. Wij hopen ondertussen dat hij en zijn vrienden ons verder willen helpen in het onderzoek naar spraakdetectie.”

Bronnen:

©AnimalsToday.nl Laura Lancée