De rechtbank in Breda heeft een opmerkelijke uitspraak gedaan: een hondenfokker moet een fikse schadevergoeding betalen aan de eigenaresse van een zieke Ierse setter. De fokker had van te voren moeten waarschuwen dat erfelijke epilepsie bij Ierse Setters veel voorkomt. Bovendien had hij alles in het werk moeten stellen om erfelijke aandoeningen te vermijden. Omdat vrijwel alle hondenrassen erfelijke afwijkingen hebben, en dit bij de aankoop zelden tot nooit wordt vermeld, heeft de uitspraak verstrekkende gevolgen.

Duitse Herder - rashonden
Foto: Albert Galiza / Wikimedia Commons

Rashonden kampen vrijwel altijd met erfelijke afwijkingen. De ziekten manifesteren zich doorgaans pas na een paar jaar. De puppies zien er nog gezond uit, en meestal vertellen de fokkers niet dat er een groot risico is dat de hond ernstig ziek wordt. Op zich logisch dat de fokker dit soort informatie liever achterwege laat, want wie koopt er nog een hond als je weet dat die waarschijnlijk binnen een paar jaar ziek wordt? Niemand zit te wachten op een huisdier dat vroegtijdig overlijdt en waarvoor je waarschijnlijk een paar duizend euro aan medische kosten moet maken. Toch zullen fokkers vanaf nu eerlijk moeten zijn over de kans op erfelijke aandoeningen. Anders zijn ze namelijk aansprakelijk voor de schade.

In het geval van de Ierse setter Sam veroordeelde de rechtbank de fokker tot terugbetaling van de aanschafprijs (€ 850,-), tot vergoeding van alle tot nu toe gemaakte medische kosten (€ 1571,-), tot de advocaatkosten (€ 714,-) en tot smartengeld (€ 1500,-). De Stichting Dier & Recht, die de hondeneigenaar juridisch bijstond, spreekt van een doorbraak, omdat bezitters van zieke rashonden – meer dan 40% van alle rashonden krijgt last van ernstige erfelijke aandoeningen – nu een schadevergoeding kunnen claimen.

Als hondenbezitters de weg naar de rechter vinden, kan dit het einde van nog al wat zieke hondenrassen inluiden. Dat zou toe te juichen zijn, want er is sprake van ernstig dierenleed. Volgens Stichting Dier & Recht, die het wetenschappelijk onderzoek op dit gebied in kaart bracht en een Rashondenwijzer op internet zette, zijn bij de tachtig meest verkochte rashonden zo’n 250 erfelijke aandoeningen aangetoond. De meeste rashonden hebben meerdere ziekten tegelijkertijd, waarbij de Duitse herder de kroon spant. Bij dit dier zijn ruim dertig erfelijke afwijkingen wetenschappelijk vastgesteld, variërend van ruggenmergziekten, knobbelvorming en nierkanker (nodulaire dermatofibrose), gewrichtsproblemen (degeneratieve myelopathie) tot verschillende oogziekten (o.a. pannus). Ook de Dobermann komt er slecht af in de Rashondenwijzer. Deze hond heeft onder meer last van benauwdheid, lusteloosheid, hartritmestoornissen (cardiomyopathie) en plotselinge bloedstolling (Von Willebrandsziekte). Dobermanns verliezen vaak hun evenwicht omdat hun nekwervels niet goed zitten (Wobblersyndroom).

De meeste rashonden hebben een zwakke gezondheid. Dat komt omdat zij het resultaat zijn van ernstige inteelt. De genenpool is zo klein dat erfelijke afwijkingen in onvoldoende mate worden gecorrigeerd in het fokproces. De grootste problemen ontstaan echter wanneer fokkers hun honden selecteren op schedelgrootte, korte achterpoten of een mopsneus. Als dergelijke fysieke eigenschappen worden doorgefokt, ziet de hond er als puppie schattig uit, maar eenmaal volwassen komen de problemen. Het dier belandt dan in de lappenmand of eindigt vroegtijdig in het graf.

Hoe zuiverder het ras, hoe groter de problemen. Neem de Cavalier King Charles Spaniel, wellicht beter bekend als het Fortuyn-hondje, met zijn schattig klein hoofdje. Dat hondje is het resultaat van een bewuste selectie op schedelgrootte. Helaas zijn de hersenen in het fokproces niet gelijkmatig meegekrompen. Omdat het brein niet meer in de schedel past, kampen de honden met chronische hoofdpijn en epileptische aanvallen. Ze hebben ook vaak last hebben van een te hoge druk op de ogen (syringomyelie).

De rechtbank heeft niet geoordeeld dat de verkoop van alle rashonden verboden moet worden. Dat is jammer. Maar wellicht zullen de fokkers door de recente uitspraak zich nog eens op het achterhoofd krabben. Heeft het wel zin om door te gaan met de fok van bepaalde door en door zieke hondenrassen? Ze staan voor een onmogelijk dilemma: als ze eerlijk zijn, raken ze hun rashonden lastig kwijt, en als ze niet eerlijk zijn, dreigen er fikse schadeclaims. Ook fokkers van katten en paarden moeten zich afvragen wat de uitspraak van de Rechtbank van Brede van 12 december voor hen betekent. Ook zij fokken hun dieren namelijk vaak te ver door, en ook bij hen is eerlijkheid niet altijd de standaard.

Het zou goed zijn als het doorfokken wordt verboden en de opvang van zieke dieren beter wordt georganiseerd. Een verplichte ziektekostenverzekering zou daarbij helpen. Nu worden zieke dieren nogal eens afgedankt omdat de medische kosten te hoog zijn. Door middel van een verzekering met een vast maandbedrag kan dit probleem worden verholpen. De hoogte van de premie kan variëren per honden-, katten- en paardensoort. Op die manier krijg je als koper gelijk een beeld van de medisch toestanden die jou en je geliefde huisdier staan te wachten. De klant, die de polis bij de aanschaf van het dier moet regelen, zal dan vaker kiezen voor het enige gezonde ras: het vuilnisbakkenras.

Nog beter zou zijn als zijn als de overheid zou beslissen om de fok van rasdieren met ernstige afwijkingen helemaal te verbieden. Want waarom zouden wij toestaan dat er honden bewust worden gefokt voor vroegtijdige ziekten en chronisch pijnen? Is dit niet een ontoelaatbare vorm van dierenmishandeling?

——

Erno Eskens is auteur van het boek Democratie voor dieren en als filosoof verbonden aan de Internationale School voor Wijsbegeerte. Meer informatie over erfelijke afwijkingen treft u aan op www.rashondenwijzer.nl en bij de Stichting Dier & Recht.

©PiepVandaag.nl