Op een pak melk staat nog altijd een vrolijke koe afgebeeld, vaak staand in een groene wei, in de frisse lucht; een bekend en typisch Nederlands plaatje. Achter die bekende beelden voltrekt zich een andere ontwikkeling: een snel groeiend aantal batterijmelkkoeien in duizelingwekkend grote megastallen.

In het Verenigd Koninkrijk groeit het aantal zogeheten ‘battery cow’-bedrijven in rap tempo: melkveebedrijven waar koeien permanent binnen worden gehouden, zonder toegang tot buiten. Recent onderzoek van het Bureau of Investigative Journalism (BIJ) laat zien dat het aantal van deze intensieve melkbedrijven in tien jaar tijd meer dan verdubbeld is. Ook het aantal megabedrijven met honderden tot duizenden koeien nam sterk toe.

Duizenden melkkoeien
De cijfers zijn nauwelijks voorstelbaar. In het Verenigd Koninkrijk zijn inmiddels tientallen melkveebedrijven met meer dan zevenhonderd koeien, waarvan sommige meer dan tweeduizend dieren houden. De grootste bedrijven tellen ruim 2600 batterijmelkkoeien. Het gemiddelde Britse melkveebedrijf is daarentegen ongeveer tien keer kleiner.

Go big or go home
Deze ontwikkeling komt bekend voor. Net als eerder bij kippen, varkens en runderen voor eier- en vleesproductie, schuift ook de melkveehouderij op richting schaalvergroting en permanente huisvesting. De economische logica is eenvoudig en bikkelhard: hogere kosten, lage melkprijzen en druk vanuit ketens en supermarkten maken het voor veel boeren steeds moeilijker om rendabel te blijven. Sommigen voelen zich daardoor naar eigen zeggen gedwongen om ‘groter’ en intensiever te produceren.
.
Steeds meer Europese megastallen, steeds minder dierenwelzijn
.
Terwijl boeren worstelen met marges, profiteren grote zuivelspelers en afnemers van schaalvoordelen en een voortdurende stroom goedkope melk. Merken als Arla en Müller profiteren volop mee van die ontwikkeling. Maar waar de discussie vaak draait om efficiëntie en opbrengst, verdwijnen de dieren weer volledig uit beeld.
Een levende melkfabriek
Een melkkoe is geen fabriek op vier poten. Buiten grazen, bewegen, sociaal contact, een eigen dag- en nachtritme en een kalfje dat bij haar blijft, behoren tot haar natuurlijke gedrag. In volledig op stal gehouden systemen worden die behoeften ondergeschikt aan logistiek en productie. Wanneer een dier opgaat in schaalvergroting en maximale output, dreigt welzijn steeds meer te betekenen dat het bedrijf functioneert, niet dat het individuele dier een goed leven heeft.

Batterijmelkkoeien
De term ‘volledig gehuisvest’ klinkt technisch, neutraal en bijna vriendelijk, maar verhult de realiteit van dieren die soms hun hele leven nauwelijks of nooit buiten komen. Britse dierenwelzijnsorganisaties spreken daarom steeds vaker over ‘battery cows’, een verwijzing naar legkippen in batterijsystemen. Patrick Holden, directeur van de Sustainable Food Trust en biologisch melkveehouder, zegt hierover:
“Het eufemisme ‘volledig gehuisvest’ zou vervangen moeten worden door ‘batterijmelkkoeien’. We zijn erin geslaagd batterijeieren te verbieden; waarom dan geen batterijkoeien? Het is beschamend dat we koeien aan deze omstandigheden van opsluiting onderwerpen.”
Ook buiten de stal blijft die schaal niet zonder gevolgen. Meer dieren betekent meer mest, meer uitstoot en grotere druk op natuur en leefomgeving; een discussie die ook in Nederland al volop speelt.
.
Het koe-onvriendelijke Nederlandse plaatje
Ook in Nederland brengen melkkoeien het grootste deel van hun leven op stal door. Gemiddeld verblijven zij meer dan 85 procent van hun tijd binnen; bijna een derde komt zelfs helemaal nooit buiten. Opvallend is bovendien dat er in Nederland geen specifieke wetgeving bestaat die het welzijn van melkkoeien beschermt. Anders dan bij kippen, varkens of konijnen ontbreken regels over weidegang, minimale leefruimte of andere belangrijke leefomstandigheden.
.
.
De gevolgen blijven niet beperkt tot gebrek aan buitenlucht. Veel Nederlandse melkkoeien kampen met gezondheidsproblemen zoals kreupelheid, uierontstekingen en stofwisselingsziekten. Ongeveer één op de vier melkkoeien is kreupel, terwijl dertig procent jaarlijks één of meerdere pijnlijke uierontstekingen krijgt. En naarmate bedrijven groter worden, groeien ook de zorgen: wie houdt toezicht op al deze dieren en hoe is dat nog mogelijk op het niveau van hun individuele welzijn?
.
.
Brand, een uitbraak van dierziekten of technische storingen treffen in megabedrijven niet langer tientallen koeien, maar mogelijk duizenden tegelijk. Ook preventieve doding bij dierziekten krijgt in zulke systemen een andere schaal. De aantallen slachtoffers worden zo groot dat ze voor veel mensen nauwelijks nog voorstelbaar zijn.
.
Efficiënt leed
De opkomst van megastallen vol batterijmelkkoeien gaat uiteindelijk over meer dan landbouw alleen. Het gaat over een sector waarin steeds minder bedrijven, met steeds meer dieren, steeds grotere delen van de productie bepalen. Efficiëntie groeit mee, terwijl welzijn, leefomgeving en individuele dieren steeds verder naar de achtergrond verdwijnen. De aantallen zijn inmiddels zo groot geworden dat het individuele dier er gemakkelijk in verdwijnt en nooit meer opvalt tussen de rest.
Bronnen:
- The Guardian
- Wakker Dier
- Lees ook op AnimalsToday:
.
Schokkende beelden van dierproeven voor nieuwe medicijnen VK
©AnimalsToday.nl Mariska van Geelen
Gerelateerde berichten
Strijd mee tegen dierenleed!
Fors meer 'batterijmelkkoeien' in Britse en EU-megastallen




