In Amerikaanse dierenasielen worden 75 procent minder katten gedood dan tien jaar geleden. In 2025 ging het om 188.000 katten, het laagste aantal ooit. Toch is het probleem nog niet opgelost.

#GNvdD: 75% minder katten gedood in Amerikaanse asielen
75% minder katten gedood in Amerikaanse asielen | Foto: publiek domein

Amerikaanse asielen kampten decennialang met veel te veel dieren en te weinig ruimte. Zonder genoeg adoptanten, geld of ruimte werd euthanasie de standaard. In 1973 werden naar schatting 13,5 miljoen honden en katten per jaar gedood in asielen. In 1984 liep dat cijfer zelfs op naar 17 miljoen.

Katten hadden het zwaarder dan honden. Van alle dieren die in asielen omkwamen, was 68 procent kat. Slechts 2 procent van de katten in asielen werd herenigd met eigenaren, meestal omdat katten niet gechipt werden. Verwilderde katten werden standaard als niet plaatsbaar gezien. En zelfs kittens weinig overlevingskans, omdat de asielen geen mensen en middelen hadden om intensieve zorg te bieden.

De ommekeer

De strijd tegen het massaal doden van katten begon in 1984 met Best Friends Animal Society in Utah. De organisatie legde de basis voor de no-kill beweging. Zij voerden actie voor de asieldieren, vanuit het principe dat elk dier een kans verdient, ongeacht leeftijd of gezondheidsproblemen.

“Een daling van 75 procent in het aantal katten dat onnodig sterft in asielen, simpelweg omdat ze niet geadopteerd worden, is iets wat ik wel van de daken wil schreeuwen”, aldus Julie Castle, CEO van Best Friends Animal Society. ”

Dit is ongelooflijk veelbelovend nieuws, maar we moeten niet vergeten dat er nog steeds ongeveer 200.000 katten per jaar worden gedood.”

Minder katten gedood

Drie ontwikkelingen versnelden de daling. Ten eerste introduceerde Alley Cat Allies in 1990 het Trap-Neuter-Return (TNR) programma. Zwerfkatten worden gevangen, gesteriliseerd en teruggeplaatst op hun vertrouwde plek. Het aantal katten dat veilig werd teruggeplaatst steeg met 70 procent. Inmiddels hebben meer dan 600 gemeenten TNR omarmd.

Ten tweede adopteerde Gen Z opvallend veel katten. Jongeren tussen de 18 en 27 jaar zorgen voor een stijging van 20 procent in kattenadopties.

Ten derde zetten asielen vrijwilligers in als pleeggezinnen voor kittens. Kittens maken bijna de helft uit van alle asielkatten en zijn het kwetsbaarst. Pleeggezinnen geven hen thuis intensieve 24-uurszorg, wat de overlevingskansen drastisch verhoogt.

ongechipte katten
Foto: publiek domein

Rosemarie Crawford, oprichtster van de van National Kitten Coalition:

“Tien jaar geleden werd een kitten jonger dan acht weken met een ziekte of verwonding vaak geëuthanaseerd. Vandaag weten we dat ze gered kunnen worden en we hebben ongelofelijke succesverhalen gezien. Elk leven is het waard om voor te vechten, en samen bouwen we aan een toekomst waarin kittens echt de kans krijgen om te overleven en op te groeien”.

Het Nederlandse model

In Nederland speelt het probleem van massaal doden van dieren in asielen nauwelijks. Vrijwel elk asiel hier heeft een expliciet no-kill-beleid. Alleen bij onvermijdelijk lijden of zeer ernstige gedragsproblemen wordt euthanasie toegepast. Daarnaast kent Nederland ruim 100 zwerfkattenorganisaties die werken volgens de TNRC-methode: vangen, neutraliseren, terugplaatsen en monitoren. Dit houdt de zwerfkattenpopulatie beheersbaar. Bovendien is er in Nederland ook cultureel minder acceptatie voor het preventief doden van gezonde dieren.

Werk aan de winkel

Best Friends Animal Society streefde naar een volledig no-kill Amerika in 2025. Dat doel werd niet gehaald, maar meer dan tweederde van alle asielen bereikte inmiddels de no-kill status.

Ondanks deze vooruitgang worden er in de Verenigde Staten nog steeds jaarlijks meer dan een half miljoen katten en honden gedood. Vijf staten zijn goed voor de helft van alle gedode dieren in asielen: Texas, Californië, North Carolina, Florida en Alabama. Er is – vooral daar – dus nog wat werk aan de winkel.

Bronnen:

©AnimalsToday.nl Liesbeth Riekwel

Gerelateerde berichten