Vroeger verdwenen in Zuidoost-Azië de meeste mangrovebossen, maar dat tij is volledig gekeerd. Sinds 2010 komen er juist structureel meer bossen bij. Hiermee levert de regio inmiddels een cruciale bijdrage aan het wereldwijde herstel van deze ecosystemen. Een spectaculaire ommekeer.

spectaculaire
De slijkspringer of mudskipper leeft graag in de modder van de mangrove | Foto: publiek domein

Uit een nieuwe studie, waarin 40 jaar aan satellietgegevens is geanalyseerd, blijkt dat Zuidoost-Azië tussen de jaren tachtig en 2010 verantwoordelijk was voor bijna 60 procent van het wereldwijde verlies aan mangrovebossen. Maar na 2010 veranderde de trend drastisch. Bijna de helft (43 procent) van alle nieuwe mangroves wereldwijd groeit inmiddels in Zuidoost-Azië. Er is nu sprake van een nettowinst in plaats van een nettoverlies. Onderzoeker en mede-auteur van de studie Zhen Zhang vertelt:

“Zuidoost-Azië was eind jaren negentig en in de jaren 2000 een hotspot voor ontbossing en bosdegradatie. Maar na 2010 zien we een aantal zeer hoopgevende signalen. Het is een positief verhaal.”

Deze opvallende ommekeer is voornamelijk te danken aan veranderingen in Indonesië en Myanmar. In Indonesië waren de uitbreiding van de landbouwsector en de aanleg van aquacultuurvijvers (kweekvijvers) decennialang de belangrijkste boosdoeners van de ontbossing. Toch zag het land na 2005 geen sterke dalingen meer.

Spectaculaire ommekeer in Indonesië en Myanmar

Myanmar, van oudsher het land met de ernstigste mangrovekap, zag sinds 2010 juist een toename van maar liefst 10 procent in het totale mangroveoppervlak. Mede-auteur Daniel Friess:

“Hoewel er lokaal nog steeds mangroves verloren gaan, kan dit gebied uitgroeien tot een zeldzaam succesverhaal op het gebied van natuurbehoud en een belangrijke bron van optimisme voor klimaatactie.”

Gelukkig blijken mangroves meesters in natuurlijk herstel te zijn. De auteurs van de studie benadrukken dat deze bomen uitstekend op eigen kracht kunnen terugkeren in verlaten gebieden, zoals die oude kweekvijvers.

Southeast Asian mangroves shift from historic decline to net growth share.google/JMp8kqioRw7I…

[image or embed]

— Dr Earhart Sampson PhD 🌎 🇨🇦 🇺🇲 🇲🇽 🇩🇰 🇺🇦 (@earhart.bsky.social) 13 juli 2026 om 16:40

Kweekvijvers krijgen andere rol

Een voorbeeld hiervan is de Mahakam-delta in Indonesië. Hier eisen de mangroves momenteel hun terrein weer op in gebieden die ooit kaalgekapt werden voor de garnalenteelt. Volgens Zhang bieden de verlaten kweekvijvers een zeer geschikte voedingsbodem voor mangroves om te herstellen. Dat biedt hoop – ook voor andere plekken op de wereld. In Zuid-Amerika hebben mangroves nog zwaar te lijden onder de garnalenkweek.

Tijd nodig

Volgens Zhang is het spectaculaire succes te danken aan een optelsom van betere wettelijke bescherming, een groeiend publiek bewustzijn en de enorme veerkracht van de bomen zelf. Maar ondanks dit goede nieuws waarschuwen de onderzoekers dat jonge, nieuwe mangroves nog niet zo sterk zijn als de oude bossen. Omdat hun wortels nog niet goed zijn uitgegroeid, kunnen ze slecht tegen extreem weer. Ook duurt het nog tientallen jaren voordat ze net zoveel CO2 opslaan als volgroeide bomen. Het herstel in Zuidoost-Azië is een fantastische eerste stap, maar herbebossing is pas écht geslaagd als we deze jonge aanwas ook de tijd en bescherming geven om oud te worden.

Bron:

Minder mangrovebos door Europese consumptie van garnalen

©AnimalsToday.nl Kasper Wienk

Gerelateerde berichten