Een nieuw rapport over de wereldwijde ontwikkelingen van de intensieve veehouderij windt er geen doekjes om: de afgelopen twee decennia is het aantal dieren dat gefokt is voor vleesproductie met meer dan 50 procent gestegen.

Het rapport, opgesteld door Stop Factory Farming Now, een coalitie van verschillende sociale organisaties, schetst een somber beeld van een industrie die niet alleen miljarden dierenlevens kost, maar ook de aarde en uiteindelijk de mens steeds verder onder druk zet.
De cijfers liegen er niet om
Wanneer het gaat over klimaatverandering, gaat de aandacht vaak uit naar het gebruik van fossiele brandstoffen zoals kolen, olie en gas. Veel minder aandacht is er voor de enorme impact van de industriële veehouderij. Toch is juist die sector in de afgelopen twintig jaar explosief gegroeid: wereldwijd nam het aantal gehouden landbouwhuisdieren met maar liefst 53 procent toe, aldus het rapport Livestock’s Lengthening Shadow van Stop Factory Farming Now.
Die groei is terug te zien in de hoeveelheid vlees die jaarlijks per wereldbewoner wordt geproduceerd. Gemiddeld wordt tegenwoordig ruim vijftien kilo kip en ongeveer evenveel varkensvlees per persoon geproduceerd. Ook rundvlees blijft een belangrijke pijler, met ongeveer tien kilo per persoon per jaar. Vermenigvuldig die cijfers met een wereldbevolking van ruim acht miljard mensen, en de omvang van de industrie wordt bijna onvoorstelbaar.
Stop Financing Factory Farming Coalition issues new report: “Livestock’s Lengthening Shadow: A 20-Year Retrospective on the FAO’s Landmark Assessment of Livestock and the Environment”.
stopfinancingfactoryfarming.com/publications…— BomenAchterhoek (@bomenachterhoek123.bsky.social) 25 juni 2026 om 12:25
Gefokte dieren voor vleesproductie
In 2006 werden wereldwijd ongeveer 61,8 miljard dieren in de veehouderij gehouden voor vlees, melk en eieren. In 2023 waren dat er bijna 95 miljard. Dat betekent dat er in slechts twintig jaar tijd ruim 33 miljard extra dieren (per jaar!) zijn toegevoegd aan een systeem dat draait om maximale productie tegen minimale kosten.
Voor de dieren zelf is de prijs het hoogst. Veruit de meeste leven in de intensieve veehouderij, waar zij vaak hun hele leven doorbrengen in overvolle stallen zonder de mogelijkheid om natuurlijk gedrag te vertonen. Hun leven is meestal kort, arm aan welzijn en eindigt op een vreselijke manier in het slachthuis om te eindigen in een kipsalade of een broodje rosbief.

Ook planeet de dupe
Natuurlijk is dit uiterst triest voor de dieren zelf, maar de groei belooft ook niets goeds voor de planeet en de mens. Om de tientallen miljarden dieren te voeden, is een enorme hoeveelheid veevoer nodig. Wereldwijd is het landbouwareaal voor de teelt van veevoer, zoals soja en maïs, in twintig jaar tijd met ongeveer 25 procent toegenomen. Dat betekent dat steeds meer vruchtbare landbouwgrond wordt ingezet om dieren te voeden, in plaats van rechtstreeks voedsel voor mensen te produceren.
De gevolgen daarvan zijn inmiddels op wereldschaal zichtbaar. Door intensieve landbouw en uitputting van de bodem is een gebied ter grootte van Canada ernstig gedegradeerd. De bodem verliest er zijn vruchtbaarheid, waardoor ecosystemen verarmen en landbouw op termijn juist moeilijker wordt.
Ook de uitstoot van broeikasgassen blijft stijgen. Volgens cijfers van de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FAO) namen de emissies uit de veehouderij tussen 2001 en 2023 met meer dan twintig procent toe. Tegelijkertijd zorgt de enorme hoeveelheid mest voor ernstige vervuiling van rivieren en zeeën.
Op sommige plekken zijn de gevolgen al duidelijk zichtbaar. In de Golf van Mexico ligt inmiddels een zogenoemde ‘dode zone’: een gebied waar door een overschot aan voedingsstoffen vrijwel geen zuurstof meer aanwezig is. Het zeeleven verdwijnt er over een oppervlakte vergelijkbaar met die van de Amerikaanse staat Connecticut.

Wij betalen ook de rekening
De gevolgen raken uiteindelijk ook de mens zelf. Een uitgeputte bodem betekent minder vruchtbare landbouwgrond en daarmee een grotere druk op de wereldwijde voedselvoorziening. Vervuild oppervlaktewater vraagt steeds kostbaardere zuivering voordat het geschikt is als drinkwater. Daarnaast draagt de intensieve veehouderij bij aan klimaatverandering, waardoor extreme hitte, droogte en overstromingen steeds vaker voorkomen.
Ook de volksgezondheid staat onder druk. Grote concentraties dieren vergroten het risico op de verspreiding van infectieziekten en zorgen voor een blijvend hoog gebruik van antibiotica, wat de ontwikkeling van antibioticaresistentie verder in de hand werkt. Tegelijkertijd heeft de uitstoot van ammoniak en fijnstof uit veehouderijen negatieve gevolgen voor de luchtkwaliteit en de gezondheid van omwonenden.
Wie financiert dit?
De opstellers van het rapport pleiten voor een grootschalige koerswijziging. Zij wijzen erop dat publieke ontwikkelingsbanken in 2024 nog altijd ruim 1,2 miljard dollar investeerden in de intensieve veehouderij. Volgens de coalitie zou dat geld juist moeten worden ingezet om de overgang naar duurzamere en diervriendelijkere voedselsystemen te versnellen.
Immers, zolang de wereld blijft investeren in een systeem dat ieder jaar miljarden extra dieren voortbrengt voor vleesproductie, zullen niet alleen de dieren daarvan de dupe zijn. Ook de planeet waarop we leven en de mensen die daarvan afhankelijk zijn, betalen uiteindelijk de prijs. En met financiële prikkels kan – zoals we allemaal weten – een groot verschil worden gemaakt. Ook wij als individuen kunnen, naast een diervriendelijker eetpatroon, kijken welke investeringen onze banken doen of welke aandelen we kopen.
BronnenL
©AnimalsToday.nl Femke Oosterbaan Martinius – redacteur dierenrecht
Gerelateerde berichten
Strijd mee tegen dierenleed!
50 procent meer dieren gefokt voor vleesproductie in 20 jaar




